Haaieneiland

Rob Ruggenberg – Haaieneiland (2015) *

1722. Roemer is matroos op een van drie schepen die op ontdekkingsreis zijn in de Stille Zuidzee. Al maanden varen ze daar rond en het leven aan boord wordt steeds zwaarder. Het regent en stormt, het eten is bedorven, de matrozen worden afgebeuld en velen hebben scheurbuik. Als een van de schepen op een klif loopt en vergaat, grijpt Roemer zijn kans en loopt weg. Met vier anderen blijft hij achter op een klein koraaleiland.
Het eiland lijkt een klein paradijs: het is groen, er is eten in overvloed en er worden parels gevonden. Roemer sluit vriendschap met een meisje van het eiland en ontdekt dat het er levensgevaarlijk is – en niet alleen omdat de zee er vol zit met haaien…

Toen Thea Beckman overleed, en ik al haar boeken uit had, ontstond er een soort gat in mijn boekenkast. Een gat dat vele schrijvers hebben geprobeerd te vullen. Simone van der Vlugt kwam met haar boeken nog het meeste in de buurt van wat ik zocht, maar niemand leek echt de historie en de spanning van Beckman te kunnen evenaren. Velen groeiden op met haar boeken, velen hebben net als ik Kruistocht in Spijkerbroek verslonden. En velen zullen net als ik denken dat er nooit meer iemand zou zijn die kon schrijven als Beckman.
Tot ik vorig jaar Haaieneiland las… Natuurlijk zal ik nooit zeggen dat het Beckman overstijgt, dat doet het ook niet, maar het komt wel gruwelijk dicht in de buurt. Ruggenberg gebruikt historische gebeurtenissen en vergaand onderzoek om een spannend verhaal te creëren, in de hoofdrol zit altijd een jongen en een meisje die niet voor elkaar onderdoen. Haaieneiland is ook in die stijl geschreven, bloedstollend spannend en tegelijk leerzaam. Ruggenberg schrijft over onwaarschijnlijke vriendschappen, moed, doorzettingsvermogen, en je angst overwinnen, een aanrader voor alle kinderen die graag spannende boeken lezen.

– Linda Leestemaker